We zijn met te veel | Fons Jena

Een pleidooi voor een herbergzame wereld

24,51

In Stock

In het nieuws

1 beoordeling voor We zijn met te veel | Fons Jena

  1. Luc Nagels

    em. prof. Luc Nagels

    Titel: We zijn met te veel. Een pleidooi voor een herbergzame wereld. Auteur: Fons Jena Uitgever: Eburon Academic Publishers, Utrecht 2021. ISBN 978-94-6301-357-4 Aantal bladzijden: 269 Prijs: 24,50 euro Voor sommigen onder ons is de toenemende wereldbevolking geen probleem maar een zegen, voor anderen is het de oorzaak van veel ellende. Fons Jena behoort tot deze laatste groep. Een regio is volgens hem overbevolkt indien de bevolking de ecologische draagcapaciteit van haar leefomgeving overschrijdt. Dat kan betekenen dat de biodiversiteit sterk degradeert, dat er onvoldoende ruimte is voor de mensen zelf, of dat er een tekort aan grondstoffen, water en/of voedsel is. Fons Jena concretiseert het met het eens vruchtbare en sterk beboste Paaseiland, dat in een paar honderd jaar door een snel groeiende populatie tegen ca. 1600 omgetoverd werd tot een onleefbare boomloze woestijn. Een omgekeerd bekend voorbeeld van de auteur is het effect van de pest die vreselijk huishoudt in de 14de eeuw in Europa. De overlevenden veroveren een hogere status, welvaart, en een betere culturele groei dan ooit tevoren. Leren we van de geschiedenis hoe ecologie, economie en demografie mekaar in een duurzaam evenwicht houden? Welke rol spelen technologie, cultuur, omgeving, en bevolkingsgrootte hierbij? De auteur begeeft zich in deze sociologische problematiek waarvoor hij enkele modellen opstelt. Geen gemakkelijke taak. Maar er bestaan wel meer en meer databanken met statistische gegevens, die voor iedereen toegankelijk zijn op internet. Een belangrijke verdienste van het boek van Fons Jena is dan ook dat het een overvloedige lijst aanlevert van de bestaande brongegevens hieromtrent. Hebben we nog geen wiskundige vergelijkingen in deze sociale ‘wetenschap’, we beschikken wel al over grafieken, staafdiagrammen, en statistische verdelingsfuncties. Wiskunde is dus wel degelijk aanwezig. Fons Jena weet ze te vinden, en hij compileert 290 gemakkelijk bereikbare (meestal via internet) referenties. Zo bespreekt hij bevolkingspyramides van uitersten zoals Japan tot Egypte. De ‘Youth bulges’, en hun effect op de instabiliteit in een regio, en het daardoor ontstaan van emigratie en Arabische lentes ontgaan hem niet. Met deze bevolkingspyramides legt hij de ‘demografische transitie’ uit. De evolutie van hoge fertiliteit met exponentiële groei naar lagere fertiliteit en dus een meer duurzame samenleving, als gevolg van toenemende welvaart. Zoals de meeste auteurs behandelt hij niet het nochtans enorme effect van ‘de pil’ op de huidige situatie van de vrouw, en bijgevolg op de demografische transitie. Hij bekijkt op een aangename manier hoe er in bijbelse tijden over stedelijke overpopulatie nagedacht werd. Fons Jena haalt terecht Aristoteles aan. De man die Alexander de Grote aanstuurde om het Macedonische overpopulatie probleem op te lossen via oorlog. Snellere bevolkingsexplosies grijpen in de 19de eeuw plaats als gevolg van technologische (industriële) ontwikkelingen. Die laatste, plus massieve emigratie, blijven de bevolkingsgroei tot op heden vóór. Daar waar Malthus rond 1800 dacht dat de economie de bevolkings explosie niet vóór kon blijven, lijkt het tot op heden min of meer te lukken. Al is lang niet iedereen het daarmee eens. Zeker de meest invloedrijke econoom van de 20ste eeuw, Keynes niet, die zweerde bij Malthus. En ook ecoloog William Vogt, Rockefeller III, Richard Nixon, Martin Luther King, de VN, de club van Rome, Greenpeace in de beginjaren, en sommige andere milieuactivisten hadden de neuzen in de richting van overpopulatie. Maar industriële landbouw, kunstmest, pesticiden, vrouwenbewegingen en religies halen één en ander overhoop tegen het einde van de 20ste eeuw. De VN bevolkingsconferentie van 1994 in Caïro wordt een keerpunt. De duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de VN verwijzen nergens rechtstreeks naar overbevolking. Het is plots een onbestaand probleem, ook voor COP26. Greenpeace koppelt overbevolkingsproblematiek tegenwoordig zelfs aan ecocide en nazisme. Politiek correct zijn wordt de boodschap, en die wordt gretig dogmatisch overgenomen door de groene bewegingen. Nochtans leeft meer dan 2 miljard mensen op dit ogenblik in lichte tot zware voedsel onzekerheid. Meer dan ten tijde van Malthus. Daar tegenover plaatst de overbevolking ontkenner het gegeven dat het bruto nationaal product (BNP) wereldwijd stijgt. Fons Jena toont die evolutie met inkomsten verdelingscurven. In plaats van door gewone Gaussiaanse verdelingen, zijn inkomsten verdelingen beschreven door klokcurven van zodra je de x-as (inkomen per dag bvb) logaritmisch maakt (lognormal verdelingen). Vooral Azië ziet zijn BNP gestaag omhoog gaan. Niet alleen de voeding behoefte, maar ook de energie-, water- en grondstoffen behoefte, en de afval stroom neemt daardoor wereldwijd toe. De mens zaagt de tak af waarop hij zit: de natuur. Een poging om één en ander te visualiseren in één beeld is het ‘Planetary boundaries’ model van Rockström en Steffen. Voor hen zijn het biodiversiteitsverlies, stikstof- en fosfor problematiek, en ook landgebruik, die de ‘planetaire grenzen’ sterk overschrijden, gevolgd door klimaatverandering, verzuring van de oceaan, en zoetwater gebruik. Het bekende ‘Donut diagram’ van Kate Raworth, dat ook die problematiek behandelt, is gerelieerd met de ‘Sustainable development goals’ van de VN. Geen van beide modellen bevat de woorden demografie of populatie. Heel concreet daarentegen in dit verband is de ‘IPAT’ vergelijking: I (ecologische Impact) = P (Populatiegrootte) x A (individueel verbruik) x T (Technologie). Aangezien in deze vergelijking de ‘P’ factor voorkomt, past ze niet in het huidige dogmatische denken van Greenpeace, WWF etc., en dus ook niet in het dogmatische denken van vele ngo’s die met deze organisaties meesurfen op de golf van de grote investeerders. Ook vermindering van individueel verbruik (de ‘A’ factor) ligt niet in de lijn van de menselijke verwachtingen. In zijn laatste hoofdstukken geeft de auteur successen en hindernissen voor familieplanning aanpak (de ‘P’ factor dus). Hij geeft een heel interessante compilatie van de belangrijkste instituten, ngo’s en enkelingen die hier op wereldniveau een grote rol beginnen te spelen. Heel interessant vind ik zijn idee om ook op lokaal (stedelijk) niveau limieten te stellen aan de bevolkingsdensiteit, ook in Vlaanderen. Het lezen van het boek geeft het gevoel van een aangenaam rijdende trein door een landschap met leerrijke uitzichten. En alles is heel helder uiteengezet, in een positieve sfeer. Een eye-opener voor iedereen die zich afvraagt hoe het evenwicht tussen mens en natuur echt duurzaam kan gemaakt worden.
    Leuk aan dit boek

    leest als een trein leerrijk doet je denken

    Aanraden aan vrienden :

    Ja

News Reviews

We hebben nog geen externe links voor dit boek. Help je ons een handje?

Boekinformatie

ISBN 9789463013574
Aantal bladzijden 270
Afmetingen 241 x 165 x 17 mm
Afwerking Paperback / softback
Uitgever Eburon Uitgeverij B.V.
Auteur Fons Jena (auteur)
Geïllustreerd Neen
Druk 1
Datum van uitgifte 18-10-2021