Walter van den Broeck keert terug naar Olen

Vanaf februari verschijnt er heel wat lekkers. Van de straks 80-jarige Walter van den Broeck tot de koning der neomodernisten Peter Terrin. Ook Joke van Leeuwen, Diane Broeckhoven, good old Luc Boudens, Bart Stouten en de onvermijdelijke Herman Brusselmans zijn samen met veel anderen in februari en maart van de partij.

Verhaal met moraal

De nieuwe James Bond mag dan weer eens zijn uitgesteld, maar de Vlaamse schrijvers houden zich dit voorjaar gelukkig niet in. In Nederland denken ze daar blijkbaar anders over. De sluiting van de Nederlandse boekhandels heeft er allicht mee te maken dat KliFi, de nieuwste roman van Adriaan van Dis, is uitgesteld tot na de lockdown. Spijtig, want deze conte philosophique was iets om naar uit te kijken als je de eerste bladzijden ervan online mag geloven. KliFi. Woede in de republiek Nederland laat Jákob Hemmelbahn, zoon van Hongaarse vluchtelingen, aan het woord na de uittocht van de Oranjes en de intrede van een Orban-achtige president.

Een verwoestende orkaan heeft Nederland op zijn kop gezet. De verteller probeert met deze ‘KlimaatFictie’ — Van Dis’ nieuwerwetse versie van Zola’s pamflet J’accusein te gaan tegen de trumpiaanse newsspeak van de nieuwe machthebbers. Kwestie van de nuance in het debat van de ondergang te redden. Aldus de moraal van het verhaal. Afijn, afwachten tot nader order dus of Van Dis met deze poging tot allegorische maatschappijkritiek niet van het koord valt.

Van de Big Bang tot nu

Walter van den Broeck wordt bij het begin van de lente tachtig. Hij vergast zichzelf en zijn lezers in maart 2021 op een nieuwe roman, Crossroads. Een boek met een eigenzinnige burleske insteek, zoals we dat van de grootmeester gewoon zijn. Twee zussen hebben hun leven opgeofferd vóór en ín het café van hun mama. Maar nu geven ze plots geen teken van leven meer. Wat is er gebeurd? Van den Broeck wil natuurlijk nog niet te veel verklappen. Maar in een mailbericht aan Doorbraak geeft hij al wel mee dat ‘de sfeer’ van Crossroads in het verlengde van zijn iconische Brief aan Boudewijn ligt. ‘Mijn nieuwe roman speelt ook in Olen, maar niet in de cité, wel in Achter-Olen. Hij loopt vanaf de Big Bang tot op vandaag.’

Tijden van bespiegeling

Van den Broeck dacht er naar eigen zeggen niet aan om de publicatie van deze roman uit te stellen. Hij hoorde van de lokale Turnhoutse boekhandelaar dat die van plan was om verleden jaar te stoppen maar dat hij de laatste maanden gouden zaken heeft gedaan. Ook Peter Terrin vindt het zeker geen slechte zaak om nu al in februari met een nieuwe roman Al het blauw uit te pakken. Hij mailt daarover: ‘Ik geloof niet dat deze tijden rampzalig zijn voor de literatuur, wel integendeel. Het zijn tijden van bespiegeling, een goed boek kan daarbij helpen. Bovendien is dit voorjaar in vergelijking met het najaar van ’20, op literair vlak wat rustiger en krijgt mijn boek daardoor misschien de aandacht die het — vanzelfsprekend — verdient.’

Terrin werd bij het grote publiek bekend toen hij in 2012 de AKO Literatuurprijs won voor zijn roman Post mortem. Afgelopen jaren pleegde hij twee novelle-achtige boekjes Monte Carlo en Patricia. Deze nieuwste roman haalt opnieuw breder uit. Hij zoomt in op de identiteitscrisis van en de liefdesrelatie tussen de 19-jarige Simon en de twintig jaar oudere barvrouw Carla. Meesterstilist Terrin zweert bij het onderkoelde meticuleuze proza van W.F.Hermans en Albert Camus. Maar hij heeft ook altijd iets unheimlichs te vertellen dat je als lezer hoe dan ook in de ban blijft houden.

Vergrijsde jeugdliefde

Diane Broeckhoven wordt er straks vijfenzeventig. Ze maakte furore met de klassieker De buitenkant van mijnheer Jules. Die wordt binnenkort ook verfilmd. In De souffleur, dat in maart verschijnt, blikt de zesenzestigjarige Susanne terug op een jeugdliefde van vijftig jaar geleden. Ze besluit hem op te zoeken in het bejaardentehuis Huis Parkzicht, toen er van corona nog geen sprake was.

Antwerpse sleutelroman

Luc Boudens geniet sinds zijn verhaaldebuut De tiende provincie een status van Antwerpse cultauteur. Mondjesmaat publiceert hij nieuw werk. Deze keer pakt hij in februari uit met een roman De oogappel. Daarin probeert schrijver-protagonist Fitou na een relatiebreuk opnieuw zichzelf te vinden. Hij zoekt vertroosting — zo de prospectus — ‘in het excentrieke universum van de erudiete en onthechte kattenliefhebber Leduc’. Een sleutelroman die een hommage brengt aan de Antwerpse notoire kattenliefhebber en homme de lettres Henri-Floris Jespers?

De muze van Beckett

De zoetgevooisde Klara-radiostem Bart Stouten komt, eveneens in maart, met een apart staaltje literatuurgeschiedenis dat de erudiete Leduc-Jespers ongetwijfeld zou hebben geplezierd. Bart Stouten over Proust & Beckett zoomt onder andere in op de sporen die beide auteurs in Parijs hebben nagelaten. Vooral over Samuel Beckett heeft Stouten blijkbaar pittigs in petto. Jarenlang correspondeerde Stouten met de maîtresse van de Ierse absurdist. Ze werkte voor de BBC en was vertaalster. Wie weet wat voor fraaie epistels die andere Klara-coryfee Pat Donnez in Laten we de wereld vergeten ooit aan de hoogbejaarde Angèle Manteau postte, is allicht benieuwd naar de muze van Beckett die Stouten hier opvoert.

In het hiernamaals

Joke van Leeuwen, ooit begonnen als fantasierijke en taalingenieuze jeugdschrijfster met Nederlandse roots, bewijst zich de laatste tijd ook meer en meer als romanauteur. Denk maar aan Feest van het begin, een 18de-eeuwse historische roman met de Franse Revolutie als decor die in 2013 de AKO Literatuurprijs binnenhaalde. In Mijn leven als mens laat ze de pas overleden 18-jarige Dinka aan het woord vanuit het hiernamaals. Ze blikt er samen met haar bij de geboorte overleden tweelingzus terug op haar eigen korte leven.

Explosieve leegganger

Herman Brusselmans ten slotte keert in Maanlicht van een andere planeet terug naar zijn hoofdpersonage Louis Tinner. Die is ondertussen, zoals de auteur zelf, een zestiger geworden. Hij figureerde voor het eerst in De man die werk vond. Een van de beste Brusselmansen ooit, en nu nog altijd de moeite waard. Zeker voor wie bijvoorbeeld van Oblomov, de onovertroffen leegganger van Ivan Gontsjarov, houdt. Blijkbaar is Tinner nog geen haar veranderd. Hij strompelt als bij toeval in een nieuw grotesk avontuur. Brusselmans heeft ondertussen meer dan tachtig romans op zijn palmares. Afwachten of hij met deze nieuwe Tinner opnieuw aanknoopt bij de explosieve strapatsen van de jongere Tinner. In februari weten we meer.

Frank Hellemans