Oud papier maakt leesgierig

Kunsthistorica Leen Huet werd bij het grotere leespubliek vooral bekend met haar gewaardeerde biografie van Pieter Bruegel (2016). Uiteraard was zij al veel langer actief als publiciste. In de nieuwe reeks Essays van het Davidsfonds verscheen nu een herdruk van een van haar eerste boeken, Oud papier. Deze bundeling van relatief korte bijdragen over boeken die de schrijfster in antiquariaten en rommelmarkten op de kop tikte, verscheen voor het eerst in 1998.

Nostalgische stemming

Het merendeel van deze stukjes verscheen indertijd eerst in de gelijknamige rubriek ‘Oud papier’ in de krant De Morgen, die toen nog een echte, lezenswaardige boekenbijlage had. Er zijn nog meer aspecten aan deze editie die de lezer in een nostalgische stemming kunnen brengen. De uitgever koos er namelijk voor om het boek zo goed als ongewijzigd opnieuw uit te geven. En liet de vermelding van de aankoopprijzen in Belgische frank gewoon staan.

Zelfs de antiquariaten waar Huet haar vondsten deed, blijven vermeld, ook al bestaan de meeste niet meer. Joyce Royce en Jennes in Antwerpen, Procopius in Leuven en ’t Profytelyk Boeksken in Westerlo, ze zijn allemaal verdwenen.

Van Casanova tot Ouida

De onderwerpen van de boeken die Huet bespreekt zijn erg divers, al heeft ze een voorkeur voor excentriekelingen en zonderlingen. De schrijfster – die tenslotte een biografe is – boeit het meest wanneer ze ingaat op het leven van de auteurs, vaak vertrekkend van egoliteratuur. Zo is er een mooie, wat langere bijdrage over de Venetiaanse avonturier Giacomo Casanova naar aanleiding van diens memoires.

De legendarische actrice Sarah Bernhardt komt ter sprake na de aankoop (voor 400 BEF) van twee delen Ma Double Vie (het derde deel ontbrak). Over Ouida, bekend van A Dog of Flanders over de Hobokense knaap Nello en zijn hond Patrasche, schrijft Huet dan weer na de aanschaf van een Nederlandse vertaling van de roman Moths (Motten). Het valt wel op dat er slechts twee Nederlandstalige Vlaamse auteurs behandeld worden: Virginie Loveling en Gustave van de Woestyne.

Aanstekelijke lectuur

Hoewel niet alle boeken of schrijvers die ter sprake komen mij meteen aanspreken, schrijft Huet heel aanstekelijk. Les diaboliques van de ‘briljante Normandische dandy’ Jules Barbey d’Aurevilly en Kermesses van de Franstalige Antwerpenaar Georges Eekhoud, moet ik nu eindelijk toch eens gaan lezen. Ook ben ik nieuwsgierig geworden naar het dagboek van de jonggestorven Russisch-Franse schrijfster Marie Bashkirtseff. Ik ben er zeker van dat de leesgierigheid van iedere lezer van dit boek flink zal worden aangewakkerd. 

Charme versus efficiëntie

Toen Huets Oud papier voor het eerst verscheen, was het geen sinecure om de daarin besproken boeken te pakken te krijgen. Ofwel wachtte men thuis geduldig af tot die ene antiquariaatscatalogus in de bus viel met daarin het gezochte boek – en dan maar hopen dat een andere liefhebber niet sneller had toegeslagen. Ofwel toog men ter stede om er in de antiquariaten te gaan snuisteren. Dat laatste leverde vaak een stapel boeken op waar men niet naar op zoek was. Wat weliswaar een even bevredigend gevoel gaf.

De intrede van het internet heeft ervoor gezorgd dat zulke boekenstrooptochten — wegens het verdwijnen van zovele tweehandsboekhandels — heel wat van hun heroïek en charmes hebben verloren. Daar tegenover staat natuurlijk dat het nu via online-antiquariaten allemaal veel efficiënter kan. Dezelfde editie van Kermesses die Huet besprak, kan voor een handvol euro’s over een paar dagen al in uw brievenbus zitten.

Dat geldt trouwens voor bijna alle boeken die in Oud papier worden vermeld. Maar vreemd genoeg niet voor de eerste druk van Oud papier zelf. Op het moment dat ik dit schrijf, wordt die in geen enkele Nederlandse of Vlaamse tweehandsboekhandel aangeboden. Deze herdruk komt dus als geroepen.

Manu Van der Aa