Essays die de tand des tijds doorstaan

Hilary Mantel is bekend als de auteur van boeken over opmerkelijke figuren. Haar trilogie over het leven de 16de-eeuwse Thomas Cromwell (Wolf Hall, Het boek Henri , De spiegel en het licht) leverde haar tweemaal de Booker Prize op. De dame schrijft niet alleen boeken, maar ze recenseert ook de werken van anderen. Vorstelijke personages bevat twintig essays – voornamelijk recensies – die Mantel over een periode van dertig jaar schreef in de London Review of Books, volgens Mantel ‘een van de levendigste tijdschriften van Europa’. Het boek bevat ook correspondentie die de schrijfster voerde met de redacteurs van het tijdschrift. Ze bieden een leuke inkijk in de werkwijze van Mantel.

Revolutie en koningshuis

In de recensies toont Mantel zich als een vlijmscherpe en intelligente tekstverwerker. Ze verdiept zich evengoed in de popster Madonna als in de Madonna van de katholieke kerk en ze etaleert zonder enige vorm van arrogantie haar uitgebreide kennis over de Franse Revolutie of haar opinies over het Britse koningshuis. De essays op zich zijn vaak in een vermakelijke toon geschreven, maar als collectie zijn ze niet altijd even interessant.

‘Dozen vol tissues’ gaat over de gruwelijke moord op de kleine James Bulger door twee tieners – het bracht het Verenigd Koninkrijk in het begin van de jaren 1990 in een diepe shock – en het boek ‘Als dat zou kunnen’ van Blake Morrison dat over deze verschrikkelijke zaak handelt. Mantel slaat en zalft tegelijkertijd in deze recensie van het boek dat ze zowel ‘te dun’ als ‘te dik’ vindt. Voor Madonna – de zangers – is ze minder mild. ‘De biografie over de zangers ‘Madonna: ongeautoriseerd’ van Christopher Andersen is niet te dik of te dun, maar gewoon oninteressant volgens Mantel ‘als zo’n afschuwelijke, stampende monotone tophit’.

Ontworpen door een commissie

Of wat denk je van haar beschouwing van Kate Middleton, de toekomstige Britse kroonprinses: ‘Ze leek te zijn ontworpen door een commissie en vervolgens door vakmensen in elkaar gestoken, met een volmaakte plastic glimlach en een paar ranke benen die handgemaakt en van een glanzende laklaag voorzien leken.’? Ja, Hilary Mantel is een pittige dame die bij de Britten controverse kan losweken, al lijkt ze zelf steevast verbaasd dat er iemand aanstoot kan nemen aan wat ze zegt en schrijft. Want, zo weet de Nederlandse schrijver Joost de Vries die de inleiding van het boek verzorgde, Mantel is een empathische en vriendelijke vrouw.

Een dame die ook regelmatig met bovennatuurlijke verschijningen geconfronteerd wordt, zoals geesten die bij haar op de rand van het bed komen zitten. Dat vinden wij op het continent nogal vreemd, maar de Britten kijken er niet meteen vanop.

Onbeschaamd en/of interessant

Hoe goed een vaak onbeschaamde Mantel zelf ook mag schrijven, van zodra het onderwerp van haar recensie niet bijster interessant is, dan verslapt je aandacht als lezer vanzelf. Ik las met plezier over de Elizabethaanse Christopher Marlowe of over ‘de Onkreukbare’ Robespierre van de Franse Revolutie. Maar de essays over John Osborne of over het huwelijk in Amerika zegden me niet veel. Ik denk dat de recensies gewoon beter zijn dan de besproken boeken zelf, en dat bewijst dan vooral de verdienste van Hilary Mantel.

Wat Mantel doorheen de gepubliceerde dertig jaar aan essays laat zien is – zoals Joost de Vries opmerkt – dat ‘het verleden nooit helemaal afgelopen is, het zwemt met ons mee, als een walvis, onder de oppervlakte, die ineens omhoog kan schieten en je sloep doet omslaan’. De dame staat ondanks haar katholieke opvoeding volledig los van dogma’s. Daardoor blijven haar teksten fris en complexloos. Een verademing in de huidige tijd, ook al is Mantel zelf verre van vrij van complexen.

 

Harry De Paepe