De hyena van Rwanda

Centraal-Afrika waar Vlamingen ooit thuis waren werd een gat in het volksgeheugen. Een snijdend boek over Rwanda, sedert 21 jaar onder president Kagame, een maffiaboss met plunderaars en moordenaars in zijn poppenkast, grijpt naar de strot.

Do not Disturb

Aan de klink van Kamer 905 van hotel Michelangelo in Johannesburg bungelde op Nieuwjaar 2014 het bordje Do Not Disturb. Op het bed lag Patrick Karegeya. Karegeya was oud-schoolkameraad van Paul Kagame in Oeganda en ex-chef van de interne veiligheidsdienst van Rwanda.  Sedert zijn breuk met het regime was hij ook een banneling in doodsgevaar. Hij was gewurgd. De moordenaars in Mossad-stijl (Israël is huisleverancier van de Rwandese geheime dienst) hadden met de bede Do Not Disturb, hotelpersoneel houdt zich daaraan, twaalf uur om Zuid-Afrika te ontvluchten.

Rwanda en Israël zijn allebei klein, kunnen zich door de bevolkingsdichtheid geen oorlog veroorloven in hun minilandje en lossen de conflicten op over de grens. Niemand in de internationale politieke wereld betwijfelde één seconde dat achter de liquidatie van de goedlachse, netwerkende, narrige Karegeya de Rwandese president schuilt. Paul Kagame stopte de Rwandese genocide van 1994 (met rond 750.000 slachtoffers, voornamelijk Tutsi’s), sindsdien is hij een halfgod voor de westerse politieke en zakelijke klasse. Na het boek Do Not Disturb van Michela Wrong is die onderdanigheid zuivere waanzin. President Kagame is het actieve hoofd van een maffiastaat.

Verveling

Vlaanderen geraakt in een toestand van acedia over Centraal-Afrika. Het begrip acedia was stof voor Aristoteles, Thomas van Aquino en Roland Barthes om die vergaande staat van onverschilligheid, verveling, walging, matheid te doorgronden. Do Not Disturb van Michela Wrong, met hopelijk snel een vertaling in het Nederlands, kan onze acedia voor zwart Afrika verdrijven. Het past bij Kobalt Blues van Erik Bruyland. Hij volgde trouw Afrika voor het economisch magazine Trends, is geboren en getogen in Katanga en een africain blanc.

Het boek van Michela Wrong is een weergaloze analyse van de neergang van wat begon als een bevrijdingsbeweginkje in Oeganda, ten dienste van Yoweri Museveni (socialist, idealist bij de start en vandaag 35 jaar dictator van het land van Idi Amin -1971-1977 – die volgens verhalen van ballingen hoofden van zijn afgeslachte opposanten stockeerde in een koelkast), uitgroeide tot het Rwandan Patriotic Front (RPF), en ontaardde tot een persoonlijk vehikel van de zure, gefrustreerde, moordzuchtige president Kagame. Hij liet zijn dichtste kameraad, waar hij als arme luis in Oeganda mee op de schoolbanken zat, jarenlang mee samenwerkte in Oeganda, Rwanda en Oost-Congo, vermoorden in Johannesburg.

Lange dodenlijst

Patrick Karegeya brak walgend van het machtsmisbruik met de Rwandese president. Do Not Disturb opent met een lange lijst van Rwandese prominenten die in ballingschap zijn of omgebracht werden door de beulen van Kagame. Diezelfde Kagame is 21 jaar de dictator van een land dat donor darling is van de ontwikkelingsindustrie en hij wordt gefêteerd op forums als het World Economic Forum in Davos.

Merkwaardig en goudeerlijk aan Wrong is dat zij in de inleiding allereerst uit de doeken doet hoe moeilijk het is om Rwanda en zijn chefs te beoordelen. Zij citeert de Kretenzische denker en spotter Epimenides en zijn paradox: ‘Alle uitspraken van Kretenzers zijn altijd gelogen’, ook die van hem dus. De Rwandezen herhaalden telkens bij Wrong dat anderen in het ootje nemen, de waarheid verminken, een kenmerk van hun gemeenschap is. En dat deze er trots op is. De staande uitdrukking in Rwanda is ‘naïf comme les blancs‘, zoals wij zeggen ‘zo dom als het achterste van een varken’. Een van de eerste ministers van Rwanda, Agathe Uwilingigimana (een van de eerste slachtoffers van de genocide in 1994), shockeerde het hoofd van de VN-blauwhelmen door te zeggen: ‘Rwandezen zijn leugenaars en het is deel van hun cultuur. Van in hun kinderjaren wordt hun geleerd niet de waarheid te vertellen, in het bijzonder als het hen kan schaden.’

België – Oeganda

In de kanjer van Wrong verschijnen twee Belgen: academicus en Rwandakenner Filip Reyntjens met citaten én George Forrest (als profiteur genoemd in een VN-onderzoek naar de plundering van de bodemrijkdommen van Oost-Congo), KMO’er in Katanga voor 1960, joodse Nieuw-Zeelander die Belg werd en na de onafhankelijkheid naar de top blitzte in Kinshasa. Magertjes voor een land dat België beheerde sedert 1916. En voor een Rwandees regime met vele connecties in Congo dat de dronkeman en avonturier Kabila als pion inzette, voor het deze in zijn kantoor in Kinshasa door een lijfwacht liet neerschieten.

Het Rwandan Patriotic Front ontstond in Oeganda en diende Museveni. De RPF maakte niet de omslag van rebels naar reguliere politiek. De strijdende Rwandezen deden geen enkele poging voor een transitie van hun mentaliteit en structuren van een guerillagroep naar die van een aanvaardbare regering. Zij volgen daarin allerhande opstandelingengroepen in de Derde Wereld, tot spijt van hun progressieve supporters in het westen. Het westerse schuldbewustzijn over de kolonisering gaat trouwens eveneens voorbij aan het feit dat voor de zogenaamde Scramble for Africa (het graaien naar Afrikaanse grond) Afrika geen harmonisch continent was. De Afrikaanse ministaten en koninkrijkjes plunderden en bekampten mekaar zonder einde. De blanke intocht leidde vaak tot een eerste pacificatie.

Pilatus Kagame

De spanningen tussen Hutu’s en Tutsi’s (de Joden van Afrika, zoals hun sympathiserende etiket is) werden onhandig aangepakt door de Belgische bewindvoerders en niet door hen veroorzaakt, want de twee gemeenschappen, ondanks frequente gemengde huwelijken, stonden en staan mekaar traditioneel naar het leven. Als een Tutsi-oma haar kleinkinderen wil straffen met een boeman is dat steeds een Hutu, want die zijn volgens haar klein, vuil en traag van begrip. In 1959 was er na het zoveelste conflict een exodus van Rwandese Tutsi’s naar Oeganda, waaronder Paul Kagame als dreumes. Deze Tutsi’s werden een Pretoriaanse wacht voor Yoweri Museveni. Paul Kagame kreeg bij de guerillero’s de bijnaam Pilato (Pontius Pilatus) om zijn enthousiast vervulde rol van aanklager, bestraffer en de bijhorende houding van de handen in onschuld te wassen. Kagame komt bij Wrong en haar legio informanten steeds over als een schlemiel, een binnenvetter die uit aangeboren onzekerheid iedereen wantrouwt en letterlijk bij een emotionele of een feitelijke bedreiging laat doden.

Als een hyena viel Paul Kagame rond 2000 Congo binnen om zijn grondstoffen (goud, diamant, coltan…) te plunderen. De wolkenkrabbers van Kigali groeiden uit die rooftocht. Met de Congolese oorlog van de RPF, waarbij het vocht tegen de Oegandezen (de vroegere bondgenoot), stierf het panafrikanisme en het naïeve geloof bij de westerse leiders in een generatie van Renaissance Leaders à la Museveni en zijn schildknaap Kagame die de corrupte éénpartijregimes in Centraal-Afrika zouden uitbannen. Neen dus. Lees Michela Wrong en haar superbe gerechercheerde boek.

Frans Crols